ECLI:NL:RVS:2002:AE5112
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.E. van der Does
- T.M.A. Claessens
- B.J. van Ettekoven
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vergunning met compensatie voor onttrekking woonruimte in Wijk bij Duurstede
Appellant had een vergunning gekregen van burgemeester en wethouders van Wijk bij Duurstede voor het onttrekken van zelfstandige woonruimte en het omzetten naar onzelfstandige woonruimte, onder oplegging van een financiële compensatie. Tegen het besluit en het daaropvolgende bezwaar werd door appellant beroep ingesteld, dat door de rechtbank werd afgewezen. Appellant ging vervolgens in hoger beroep bij de Raad van State.
De Raad van State overwoog dat de Huisvestingswet en de gemeentelijke huisvestingsverordening regels stellen omtrent vergunningen voor onttrekking van woonruimte. De vergunning mag slechts worden geweigerd als het belang van het behoud van de woonruimtevoorraad zwaarder weegt dan het belang van onttrekking. De compensatieplicht is gebaseerd op de verordening en is proportioneel en niet willekeurig, afgeleid van marktprijzen.
Appellant voerde onder meer aan dat de compensatie willekeurig was en dat het gelijkheidsbeginsel werd geschonden door ongelijke behandeling van vergelijkbare panden. De Raad van State verwierp deze bezwaren, oordeelde dat de compensatiebedragen rechtmatig zijn en dat het gelijkheidsbeginsel niet is geschonden omdat appellant zich beperkt had tot twee panden die adequaat waren beoordeeld.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de vergunning met compensatieplicht bevestigd.