ECLI:NL:RVS:2002:AE6193
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhavingsbesluit verwijderen overkapping in strijd met bestemmingsplan
Burgemeester en wethouders van Enschede legden appellant op 17 maart 2000 de verplichting op om een overkapping te verwijderen die zonder bouwvergunning was bevestigd aan een schuur op een perceel met de bestemming 'Bos'. Tegen dit handhavingsbesluit werd bezwaar gemaakt en beroep ingesteld, dat beide werden afgewezen door respectievelijk burgemeester en wethouders en de rechtbank.
Appellant stelde in hoger beroep dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat in 1981 een vergunning was verleend op grond van overgangsrecht voor een eerdere uitbreiding van de schuur. De Raad van State oordeelde dat uit de stukken blijkt dat de rechtbank terecht heeft vastgesteld dat deze vergunning bestond en dat het huidige bouwplan niet onder het overgangsrecht valt.
De overkapping is in strijd met artikel 40 van Pro de Woningwet en het bestemmingsplan, dat uitsluitend bouwwerken ten dienste van de bestemming 'Bos' toestaat. Er is geen concreet zicht op legalisatie, zodat handhavend optreden gerechtvaardigd is. De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde het bestreden besluit.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het handhavingsbesluit tot verwijdering van de overkapping bevestigd.