ECLI:NL:RVS:2002:AE6473
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.E. van der Does
- J.A.M. van Angeren
- B.J. van Ettekoven
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag voor medicinale hennepteelt wegens ontbreken wetenschappelijke onderbouwing en regeringsbureau
Appellant vroeg een verlof aan op grond van de Opiumwet om hennep onder glas te kweken voor medicinale doeleinden. De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport wees dit verzoek af omdat de geneeskundige werking van hennep nog niet wetenschappelijk was bewezen en er geen regeringsbureau was opgericht zoals vereist volgens het Enkelvoudige verdrag inzake verdovende middelen van 1961.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Raad van State bevestigde deze uitspraak in hoger beroep. De Raad overwoog dat de Opiumwet en de beleidsregels duidelijk maken dat een verlof slechts kan worden verleend voor wetenschappelijke, volksgezondheids- of diergezondheidsdoeleinden. Medicinale teelt werd niet toegestaan zolang de werking niet wetenschappelijk is vastgesteld.
Daarnaast is het ontbreken van een regeringsbureau, zoals vereist door het internationale verdrag, een legitieme reden voor het weigeren van het verlof. De klacht van appellant dat zijn aanvraag vooral landbouwkundige doeleinden betrof, werd verworpen omdat de aanvraag niet anders gelezen kon worden dan door de Minister gedaan. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de afwijzing van het verzoek om een opiumverlof voor medicinale hennepteelt wegens ontbreken van wetenschappelijke onderbouwing en het ontbreken van een regeringsbureau.