ECLI:NL:RVS:2002:AE6695
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- H.G. Lubberdink
- B.J. van Ettekoven
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake weigering detailhandelsvergunning op industrieel perceel
Appellante verzocht burgemeester en wethouders van Helmond om een vergunning voor detailhandel in een bedrijfspand op een perceel met de bestemming 'Industrie'. Burgemeester en wethouders weigerden deze vergunning en verklaarden het bezwaar niet-ontvankelijk. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit op bezwaar en verklaarde het bezwaar alsnog ongegrond.
Appellante ging in hoger beroep bij de Raad van State, die oordeelde dat burgemeester en wethouders niet hadden onderzocht of zij bevoegd waren om vrijstelling te verlenen van het bestemmingsplanvoorschrift dat detailhandel op het perceel verbiedt. Hierdoor was het niet juist dat de rechtbank zelf in de zaak voorzag en het bezwaar ongegrond verklaarde.
De Raad van State vernietigde daarom het deel van de uitspraak waarin het bezwaar ongegrond werd verklaard en bepaalde dat burgemeester en wethouders een nieuw besluit op bezwaar moeten nemen. Voor het overige werd de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd, maar appellante kreeg het betaalde griffierecht vergoed.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en burgemeester en wethouders worden opgedragen een nieuw besluit op bezwaar te nemen.