ECLI:NL:RVS:2002:AE6938
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.E. van der Does
- Rechtspraak.nl
Vernietiging rechtbankuitspraak en ongegrondverklaring beroep tegen verkeersbesluit plaatsing verkeersborden
Burgemeester en wethouders van Drunen namen op 26 juni 2000 een verkeersbesluit tot plaatsing van vijf verschillende verkeersborden op de Bosscheweg te Drunen. Appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, dat op 13 maart 2001 ongegrond werd verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant deels ontvankelijk en vernietigde het besluit voor zover het de aanleg van een bajonet nabij zijn perceel betrof, maar verklaarde het bezwaar alsnog niet-ontvankelijk en het beroep verder ongegrond.
Appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat appellant als exploitant van een bedrijf aan de Bosscheweg als belanghebbende moest worden aangemerkt, waardoor het bezwaar ontvankelijk was en de uitspraak van de rechtbank vernietigd moest worden. De Afdeling stelde vast dat de aanleg van bajonetten geen onderdeel was van het verkeersbesluit, zodat het bezwaar hierover niet slaagde.
Verder oordeelde de Afdeling dat het bestuursorgaan bij het verkeersbesluit ruime beoordelingsmarges heeft en dat er geen sprake was van een onevenwichtige belangenafweging. Daarom verklaarde de Afdeling het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd, en het griffierecht voor de behandeling van het hoger beroep werd aan appellant terugbetaald.
Uitkomst: Het beroep tegen het verkeersbesluit wordt ongegrond verklaard en het griffierecht wordt aan appellant terugbetaald.