ECLI:NL:RVS:2002:AE7468
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- Rechtspraak.nl
Weigering bouwvergunning voor aanbrengen buitentrap als nieuwbouw volgens Bouwbesluit
Burgemeester en wethouders van Enschede weigerden een bouwvergunning voor het vergroten van een cafépand, waarbij een buitentrap aan de achterzijde werd aangebracht om de bovenwoning te ontsluiten. De aanvrager maakte bezwaar en stelde beroep in tegen deze weigering. De rechtbank Almelo verklaarde het beroep gegrond en vernietigde de weigering.
De Raad van State oordeelde dat het aanbrengen van de buitentrap moet worden aangemerkt als nieuwbouw. Hierdoor is toetsing aan de nieuwbouweisen van het Bouwbesluit vereist, met name artikel 5, tiende lid, dat stelt dat een buitentrap die een hoogteverschil van meer dan 1,5 meter overbrugt, moet zijn gelegen in een besloten ruimte met een regenwerende scheidingsconstructie. De vrijstellingsmogelijkheid uit artikel 406, eerste lid, van het Bouwbesluit is niet van toepassing op nieuwbouw.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat burgemeester en wethouders terecht geen vrijstelling konden verlenen en dat de bouwvergunning daarom terecht is geweigerd. De rechtbank had dit miskend. Ook werd geoordeeld dat het hanteren van een andere weigeringsgrond in de nieuwe beslissing op bezwaar niet in strijd is met het fair play-beginsel. Het hoger beroep werd gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep alsnog ongegrond verklaard.
Uitkomst: De bouwvergunning voor het aanbrengen van de buitentrap is terecht geweigerd omdat het bouwplan niet voldoet aan de nieuwbouweisen van het Bouwbesluit.