ECLI:NL:RVS:2002:AE7497
Raad van State
- Hoger beroep
- B. van Wagtendonk
- M. Vlasblom
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Beoordeling hoger beroep tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel op grond van Vreemdelingenwet 2000
Appellanten hebben bij besluiten van 12 april 2002 een afwijzing ontvangen op hun aanvragen voor een verblijfsvergunning asiel. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek om voorlopige voorziening af. Appellanten stelden hoger beroep in bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak overweegt dat zij onbevoegd is kennis te nemen van het hoger beroep tegen de uitspraak van de voorzieningenrechter. Verder constateert zij dat nieuw ingebrachte feiten en omstandigheden, zoals de later gemelde verkrachtingen door appellante sub 1, niet als nieuw kunnen worden beschouwd omdat deze gebeurtenissen zich voordeden vóór het vertrek uit het land van herkomst en eerder gemeld hadden moeten worden.
De Afdeling bevestigt de uitspraak van de rechtbank, met verbetering van de motieven, en verklaart het hoger beroep kennelijk ongegrond. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de afwijzing van de verblijfsvergunning asiel en verklaart het hoger beroep kennelijk ongegrond.