ECLI:NL:RVS:2002:AE7727
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- E.A. Alkema
- T.M.A. Claessens
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke bevestiging bouwvergunning ondanks bezwaar bodemonderzoek
Burgemeester en wethouders van Boarnsterhim verleenden op 5 februari 1999 een bouwvergunning voor het veranderen van een opslag op een perceel te [plaats]. Appellanten maakten bezwaar tegen deze vergunning, met name vanwege het ontbreken van een onderzoeksrapport naar de bodemgesteldheid. Bij besluit van 28 juni 1999 werd het bezwaar gegrond verklaard voor zover het bodemonderzoek betrof, maar voor het overige ongegrond.
De rechtbank te Leeuwarden verklaarde het daarop ingestelde beroep van appellanten op 19 april 2001 ongegrond. Appellanten gingen hiertegen in hoger beroep bij de Raad van State. Tijdens de zitting op 16 augustus 2002 werd het hoger beroep behandeld, waarbij burgemeester en wethouders werden vertegenwoordigd.
De Raad van State oordeelde dat de rechtbank het beroep terecht en op goede gronden ongegrond had verklaard. De argumenten van appellanten in het hoger beroep gaven geen aanleiding tot een ander oordeel. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellanten wordt ongegrond verklaard en de bouwvergunning blijft bevestigd.