ECLI:NL:RVS:2002:AE8271
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.H.B. van der Meer
- T.M.A. Claessens
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen vaststelling verstrekkingenbudget ziekenfonds 1999
De Onderlinge Waarborgmaatschappij heeft beroep ingesteld tegen het besluit van het College voor zorgverzekeringen waarin het verstrekkingenbudget voor 1999 definitief werd vastgesteld. Het geschil betrof de toepassing van de verzekeringsgrondfactor "Loondienst en VUT" bij de budgetverdeling, waarvan appellante stelde dat deze willekeurig was en financieel nadeel veroorzaakte.
De Raad van State overwoog dat de aanwijzing van de Minister, waarop het budgetbesluit is gebaseerd, een algemeen verbindend voorschrift is waaraan het College gebonden is. Uit een rapport van het Instituut voor Onderzoek van Overheidsuitgaven bleek dat verzekerden in loondienst of VUT aantoonbaar lagere medische kosten veroorzaken, wat de ministeriële keuze rechtvaardigt.
Appellante's argument dat later onderzoek het causaal verband ontkrachtte, werd verworpen omdat dit onderzoek ten tijde van de aanwijzing niet bekend was. De Raad bevestigde dat er geen sprake was van willekeur of bijzondere omstandigheden die afwijking van de beleidsregels rechtvaardigen.
Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en het besluit gehandhaafd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit over het verstrekkingenbudget 1999 wordt ongegrond verklaard en het besluit gehandhaafd.