ECLI:NL:RVS:2002:AF0254
Raad van State
- Hoger beroep
- T.M.A. Claessens
- M.E.E. Wolff
- Rechtspraak.nl
Afwijzing tegemoetkoming bereddingskosten na extreem zware regenval 1998
De zaak betreft een geschil over de toekenning van een tegemoetkoming op grond van de Regeling tegemoetkoming schade bij extreem zware regenval 1998 (WTS1-regeling). Verzoeker had kosten gemaakt voor het rechtop zetten van scheefgezakte bomen en het vervangen van gebroken boompalen, welke hij als bereddingskosten had opgevoerd.
De rechtbank Breda had deze kosten als bereddingskosten erkend, omdat deze werkzaamheden mede gericht zouden zijn op het voorkomen van verdere schade en direct het gevolg waren van de extreme regenval op 13 en 14 september 1998. De Staatssecretaris was het hier niet mee eens en ging in hoger beroep bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelt dat de kosten niet als bereddingskosten kunnen worden aangemerkt omdat de daadwerkelijke schade aan de bomen wortelrot betreft, veroorzaakt door langdurige waterstand, en de genoemde werkzaamheden niet ter voorkoming of beperking van deze schade waren getroffen. De rechtbank had dit causale verband en de aard van de kosten onjuist beoordeeld.
Daarom vernietigt de Raad van State het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep van verzoeker ongegrond. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van verzoeker wordt ongegrond verklaard en de tegemoetkoming voor de bereddingskosten wordt afgewezen.