ECLI:NL:RVS:2002:AF0312
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- R. Cleton
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen goedkeuring bestemmingsplan Verwerkingsbedrijf Land- en Tuinbouw
De gemeenteraad van Uden stelde op 28 juni 2001 het bestemmingsplan "Verwerkingsbedrijf Land- en Tuinbouw" vast, gevolgd door de goedkeuring door gedeputeerde staten van Noord-Brabant op 15 januari 2002. Appellant stelde beroep in tegen deze goedkeuring, met name tegen de uitbreiding van het bedrijf met 500 m2 buiten het bebouwingsvlak, de bouw van een laboratorium en de aanleg van een parkeerterrein.
De Raad van State overwoog dat het bestemmingsplan een partiële herziening betreft ter voldoening aan artikel 30 van Pro de Wet op de Ruimtelijke Ordening. De goedkeuring door verweerders was gebaseerd op eerdere besluiten waarbij gedeeltelijk goedkeuring was onthouden vanwege gebreken en geurhindercirkels. In het nieuwe plan is de uitbreidingsmogelijkheid van 1000 m2 buiten de geurhindercirkel voorzien, en is het laboratorium toegestaan.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat appellant onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de uitbreiding en de bouwmogelijkheden overlast of ernstige landschapsaantasting veroorzaken. De aanleg van het parkeerterrein viel buiten de partiële herziening en was niet aan de orde. De Raad concludeerde dat verweerders binnen hun beoordelingsmarge zijn gebleven en het recht juist hebben toegepast, waardoor het beroep ongegrond is verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de goedkeuring van het bestemmingsplan is ongegrond verklaard.