ECLI:NL:RVS:2002:AF0804
Raad van State
- Hoger beroep
- P.J. Boukema
- W. van den Brink
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging goedkeuring Havengeldregeling 1998 Schiphol ondanks tariefsverhoging kleine luchtvaart
De vereniging Vliegclub Schiphol stelde beroep in tegen de Havengeldregeling 1998, waarin de tarieven voor het gebruik van de luchthaven Schiphol door kleine luchtvaart werden verhoogd. Appellante voerde aan dat deze verhoging niet kostengerelateerd was maar bedoeld om het gebruik door kleine luchtvaart te ontmoedigen, en dat dit discriminerend was.
De Kroon had de tarieven goedgekeurd en de bezwaren ongegrond verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, waarna hoger beroep bij de Raad van State werd ingesteld. De Afdeling bestuursrechtspraak toetste of de Kroon terecht de tarieven had goedgekeurd, waarbij zij oordeelde dat de toetsing marginaal is en zich beperkt tot algemene financiële ratio’s.
De Raad van State vond dat de Kroon niet onredelijk had gehandeld en dat voldoende aannemelijk was dat de kosten voor de kleine luchtvaart de opbrengsten overtreffen. Ook was er geen sprake van een prohibitief tarief of discriminatie zoals bedoeld in het Verdrag van Chicago. Het beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.