ECLI:NL:RVS:2002:AF0812
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.M. van Angeren
- B.J. van Ettekoven
- Ch.W. Mouton
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen besluit Minister over leeftijdbepaling coniferen voor tegemoetkoming oogstschade
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen de vaststelling van de leeftijd van coniferen op een perceel, hetgeen van belang is voor de hoogte van de tegemoetkoming op grond van de Regeling oogstschade 1998. De Minister stelde dat de coniferen in het najaar van 1996 waren ingeplant, wat neerkomt op twee groeiseizoenen tot de peildatum van 7 december 1998. Appellant stelde dat de coniferen al in het najaar van 1995 en het voorjaar van 1996 waren ingeplant, wat drie groeiseizoenen betekent.
Ter zitting werden getuigen gehoord die verklaarden dat circa 60% van het plantgoed in het najaar van 1995 en 40% in het voorjaar van 1996 was ingeplant. De Minister baseerde zich op ervaringsregels en taxatierapporten, maar kon het aangevoerde bewijs niet voldoende weerleggen. De Raad oordeelde dat het besluit van 16 november 2000 onvoldoende gemotiveerd was en in strijd met artikel 7:12 van Pro de Algemene wet bestuursrecht.
De Raad vernietigde daarom het bestreden besluit voor zover het de leeftijdbepaling van de coniferen betreft en bepaalde dat de Minister opnieuw moet beslissen met inachtneming van de uitspraak. Tevens werd de Minister veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard en het besluit over de leeftijdbepaling van de coniferen wordt vernietigd, met opdracht aan de Minister om opnieuw te beslissen.