ECLI:NL:RVS:2002:AF1782
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.M. van Angeren
- B.J. van Ettekoven
- J.G. Treffers
- Rechtspraak.nl
Vernietiging ontheffing standplaats buiten woonwagencentrum wegens ontbreken reële binding gemeente
Appellanten, burgemeester en wethouders van Wester-Koggenland, weigerden een ontheffing voor het innemen van een standplaats buiten een woonwagencentrum aan [partij]. De Commissie Overige Geschillen verleende deze ontheffing echter in administratief beroep, waarna de rechtbank het beroep deels gegrond verklaarde en deels ongegrond. Appellanten stelden hoger beroep in bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de Commissie bij haar besluit niet had kunnen uitgaan van een kenbare reële binding van [partij] met de gemeente Wester-Koggenland. Het enkele plan van [partij] om een boomkwekerij in de gemeente te exploiteren, en het ontbreken van een ander aantoonbaar belang, vormden onvoldoende grondslag voor het verlenen van de ontheffing. Tevens werd vastgesteld dat de Commissie de procedurevoorschriften omtrent kennisgeving niet volledig had nageleefd, maar dat dit niet tot vernietiging van het besluit leidde omdat geen belanghebbenden waren benadeeld.
De Raad van State vernietigde de uitspraak van de rechtbank en het besluit van de Commissie van 21 november 2000 en verklaarde het beroep van [partij] tegen het besluit van 4 september 1998 ongegrond. Ook het besluit van de Commissie van 19 oktober 2001 werd vernietigd. De uitspraak trad in de plaats van het vernietigde besluit. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van [partij] tegen het besluit tot ontheffing wordt ongegrond verklaard en het besluit van appellanten gehandhaafd.