ECLI:NL:RVS:2002:AF2110
Raad van State
- Hoger beroep
- H. Troostwijk
- A.W.M. Bijloos
- Ch.W. Mouton
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek huurwoonwagen onder gewijzigd rechtsregime zonder overgangsrecht
Appellant verzocht burgemeester en wethouders van Noordwijkerhout om een huurwoonwagen, hetgeen op 6 juli 1998 werd afgewezen. Het bezwaar hiertegen werd eveneens ongegrond verklaard. De rechtbank verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk, maar na hoger beroep vernietigde de Afdeling deze uitspraak en verwees de zaak terug naar de rechtbank. De rechtbank verklaarde het beroep vervolgens ongegrond, waarna appellant opnieuw hoger beroep instelde bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De Afdeling overwoog dat ondanks de intrekking van de Woonwagenwet per 1 maart 1999 en de inwerkingtreding van een nieuwe wet op 1 juli 1998, het niet onredelijk was dat burgemeester en wethouders het bezwaar beoordeelden aan de hand van het oude recht, omdat de beslissing op de aanvraag al voor de intrekking was genomen en het bezwaar tijdig had moeten worden behandeld.
Inhoudelijk oordeelde de Afdeling dat het beleid van burgemeester en wethouders om slechts vier van de acht woonwagenstandplaatsen voor huurwoonwagens te bestemmen niet onredelijk was. Het verzoek van appellant tot uitbreiding van huurwoonwagens kon derhalve worden afgewezen. Het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde omdat de situaties niet vergelijkbaar waren. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het verzoek om een huurwoonwagen wordt bevestigd.