ECLI:NL:RVS:2003:AF3508
Raad van State
- Hoger beroep
- C.M. Ligtelijn-van Bilderbeek
- C. Sparreboom
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak over rechtszekerheid bij wijziging huursubsidie na vijf jaar
Appellante betwistte de terugvordering van huursubsidie over het tijdvak 1 juli 1996 tot 1 juli 1997, waarbij de Staatssecretaris de subsidie had verlaagd en een bedrag had teruggevorderd. De rechtbank Arnhem wees het beroep van appellante af, waarna zij hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak overwoog dat artikel 22 van Pro de Wet individuele huursubsidie (Wih) beoogt rechtszekerheid te bieden door te bepalen dat na vijf jaar geen wijziging van een verstrekte bijdrage meer hoeft te worden verwacht. Dit rechtszekerheidsbeginsel geldt ook als de Staatssecretaris op grond van artikel 10, vijfde lid, Wih een discretionaire bevoegdheid heeft om de subsidie nader vast te stellen.
Appellante voerde aan dat artikel 22 Wih Pro niet van toepassing zou zijn en dat de staatssecretaris zich aan een beleid moest houden om binnen twee jaar na afloop van het subsidietijdvak gebruik te maken van de herzieningsbevoegdheid. Dit werd door de Afdeling verworpen wegens gebrek aan bewijs en omdat de overgangsbepalingen van de latere Huursubsidiewet de toepassing van de Wih op het betreffende tijdvak handhaafden.
De Afdeling verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.