ECLI:NL:RVS:2003:AF3526
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.R. Schaafsma
- P.A. de Vink
- Rechtspraak.nl
Bestuursdwang wegens bedrijfsmatig paardenhouden zonder vergunning naast landbouwmechanisatiebedrijf
Het college van burgemeester en wethouders van Voerendaal heeft bestuursdwang toegepast tegen appellant vanwege het bedrijfsmatig houden van paarden op een perceel naast zijn landbouwmechanisatiebedrijf zonder de vereiste milieuvergunning. Appellant voerde aan dat het paardenhouden hobbymatig was en niet als inrichting in de zin van de Wet milieubeheer kon worden aangemerkt, en dat de twee percelen niet als één inrichting konden worden beschouwd.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het houden van paarden en de handel in paardenbenodigdheden bedrijfsmatig was, mede omdat de paarden en boxen werden gebruikt om producten aan klanten te tonen. De activiteiten op beide percelen vertoonden organisatorische en functionele bindingen en lagen in elkaars onmiddellijke nabijheid, waardoor zij als één inrichting moesten worden beschouwd.
Verder werd overwogen dat de korte afstand van ongeveer 10 meter tussen de paardenhouderij en een woning van derden een redelijk belang vormde voor het toepassen van bestuursdwang. De instemming van de bewoner deed hieraan niet af. De belangenafweging leidde tot de conclusie dat bestuursdwang terecht was aangezegd.
Het beroep van appellant werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen bestuursdwang wegens het bedrijfsmatig houden van paarden zonder vergunning wordt ongegrond verklaard.