ECLI:NL:RVS:2003:AF3954
Raad van State
- Hoger beroep
- T.M.A. Claessens
- A.M. van Meurs-Heuvel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering bouwvergunning en handhaving illegale opslagloods
Appellant had een bouwvergunning gekregen voor het oprichten van een opslagloods, maar deze vergunning werd later herroepen vanwege strijd met het bestemmingsplan en bezwaren van derden. Burgemeester en wethouders legden appellant een last onder dwangsom op om de reeds gebouwde loods te verwijderen. Appellant maakte bezwaar tegen deze besluiten, maar de rechtbank verklaarde deze bezwaren ongegrond.
Appellant stelde in hoger beroep dat de bezwaarschriften van derden onontvankelijk waren omdat zij na de bezwaartermijn waren ingediend. De Raad van State oordeelde echter dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was vanwege onjuiste rechtsmiddelenvoorlichting in een huis-aan-huisblad, en bevestigde daarmee de ontvankelijkheid van de bezwaren.
Verder oordeelde de Raad dat burgemeester en wethouders bevoegd waren handhavend op te treden omdat appellant geen geldige bouwvergunning had op het moment van de beslissing op bezwaar. Er was geen concreet zicht op legalisering van de loods, ook niet door overleg over herziening van het bestemmingsplan of de bereidheid van appellant om de dakbedekking aan te passen.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de weigering van de bouwvergunning en handhaving zijn bevestigd.