ECLI:NL:RVS:2003:AF4721
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- G.A.A.M. Boot
- Rechtspraak.nl
Begrip constructie in Woningwet en vergunningplicht carport achter voorgevelrooilijn
In deze bestuursrechtelijke zaak stond de vraag centraal of een carport achter de voorgevelrooilijn, met een hoogte van 2,7 meter en een oppervlakte van 20 m2, vergunningplichtig is op grond van de Woningwet. De carport rust aan één zijde op een muur en wordt aan de andere zijde gedragen door houten palen, terwijl aan de achter- en linkerkant erfafscheidingsmuren als wanden fungeren, die echter niet de overkapping dragen.
De rechtbank had geoordeeld dat de wanden aan de linker- en achterzijde tot de constructie van de carport behoren, waardoor het bouwwerk vergunningplichtig zou zijn. Appellant betwistte dit en stelde dat het begrip 'constructie' in art. 43.1.d Woningwet uitsluitend in de betekenis van 'draagconstructie' moet worden uitgelegd.
De Raad van State bevestigde deze uitleg en stelde dat alleen wanden die daadwerkelijk de overkapping dragen tot de constructie behoren. Omdat de erfafscheidingsmuren niet dragend zijn, voldoet de carport aan de criteria van een overkapping zonder vergunningplicht. De uitspraak van de rechtbank werd vernietigd, het hoger beroep gegrond verklaard en het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Hellevoetsluis vernietigd.
Het college werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt het besluit en oordeelt dat voor de carport geen bouwvergunning vereist is omdat de niet-dragende wanden niet tot de constructie behoren.