ECLI:NL:RVS:2003:AF4995
Raad van State
- Hoger beroep
- B. van Wagtendonk
- H. Troostwijk
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering tewerkstellingsvergunning wegens onvoldoende inspanningen prioriteitgenietend aanbod
De zaak betreft het hoger beroep van Omron Europe B.V. en een werknemer tegen de weigering van de Centrale organisatie werk en inkomen (CWI) om een tewerkstellingsvergunning te verlenen. De vergunning werd geweigerd omdat de werkgever onvoldoende had aangetoond dat zij voldoende inspanningen had verricht om de arbeidsplaats te vervullen met prioriteitgenietend aanbod op de arbeidsmarkt.
De rechtbank had het beroep aanvankelijk gegrond verklaard, maar in een latere uitspraak het beroep ongegrond verklaard. De Raad van State bevestigt deze laatste uitspraak. De Afdeling overweegt dat het beleid van de Directie, zoals neergelegd in de Uitvoeringsregels en Beleidsregels CBA, inhoudt dat een tewerkstellingsvergunning in beginsel geweigerd moet worden indien onvoldoende inspanningen zijn verricht om prioriteitgenietend aanbod te mobiliseren.
De Raad van State oordeelt dat de rechtbank terecht heeft geoordeeld dat de wervingsactiviteiten van het bureau Converge onvoldoende waren om te spreken van voldoende inspanningen. Ook is geoordeeld dat de motivering van de Directie bij de beslissing op bezwaar deugdelijk was en dat het afwijkende advies van de Adviescommissie niet tot een ander oordeel leidt. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de tewerkstellingsvergunning bevestigd.