ECLI:NL:RVS:2003:AF5132
Raad van State
- Hoger beroep
- D.A.C. Slump
- P. Lodder
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing intrekking bouwvergunning ondanks afwijkingen pand
Appellant verzocht het college van burgemeester en wethouders van Wester-Koggenland om intrekking van een bouwvergunning die op 9 juni 1998 aan een vergunninghouder was verleend voor een atelier. Het college wees dit verzoek bij besluit van 4 oktober 2000 af en verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank Alkmaar bevestigde dit in haar uitspraak van 19 juli 2002.
Appellant stelde dat het pand op meerdere punten afweek van de verleende bouwvergunning en dat dit aanleiding had moeten zijn voor intrekking. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde echter dat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat de vergunning was verleend op basis van onjuiste of onvolledige opgave. Bovendien stelde het college dat bekende onjuistheden in de tekeningen geen reden zouden zijn geweest om de vergunning niet te verlenen.
De Afdeling verwijst naar een eerdere uitspraak waarin werd geoordeeld dat de bouwvergunning terecht was verleend en stelt dat deze kwestie niet opnieuw ter discussie staat. Het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het verzoek tot intrekking van de bouwvergunning wordt bevestigd.