ECLI:NL:RVS:2003:AF5146
Raad van State
- Hoger beroep
- P. van Dijk
- T.M.A. Claessens
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit tijdelijke sluiting horecabedrijf wegens onbevoegdheid college
De burgemeester van 's-Hertogenbosch had op grond van artikel 36 van Pro de Algemene plaatselijke verordening (APV) 1996 de tijdelijke algehele sluiting bevolen van het door appellant geëxploiteerde café. Het college van burgemeester en wethouders verklaarde het bezwaar van appellant tegen deze sluiting ongegrond. De rechtbank bevestigde dit besluit in haar uitspraak van 24 april 2002.
Appellant stelde echter dat het college niet bevoegd was de beslissing op bezwaar te nemen, omdat deze bevoegdheid exclusief bij de burgemeester ligt. De Raad van State oordeelde dat het college inderdaad onbevoegd was, aangezien de APV bepaalt dat alleen de burgemeester bevoegd is tot het nemen van besluiten over tijdelijke sluiting van horecabedrijven en het zelfstandig behandelen van bezwaarschriften daartegen.
De Raad van State vernietigde daarom de uitspraak van de rechtbank en het besluit van het college, verklaarde het beroep van appellant alsnog gegrond en droeg de burgemeester op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, het besluit van het college en de uitspraak van de rechtbank worden vernietigd en de burgemeester wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.