ECLI:NL:RVS:2003:AF5147
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- W. van den Brink
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing vergoeding advocaatkosten bij paspoortaanvraag
Appellant had bezwaar gemaakt tegen het besluit van de Minister van Buitenlandse Zaken om geen nieuw paspoort te verstrekken. Na vernietiging door de rechtbank werd alsnog een nieuw paspoort verleend, maar de vergoeding van advocaatkosten werd afgewezen. Appellant stelde beroep in tegen deze afwijzing.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar de Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte inhoudelijk op het beroep had beslist. Volgens de Algemene wet bestuursrecht had het beroep moeten worden doorgestuurd aan de Minister als bezwaar.
De Raad van State vernietigde daarom de uitspraak van de rechtbank, verklaarde het beroep niet-ontvankelijk en beval doorzending van het beroepschrift aan de Minister voor behandeling als bezwaar. Tevens werd de Minister veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
De uitspraak benadrukt het belang van correcte procedurele behandeling van besluiten over vergoeding van proceskosten en de noodzaak van bezwaar voordat beroep kan worden ingesteld.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van vergoeding advocaatkosten wordt niet-ontvankelijk verklaard en doorgezonden aan de Minister ter behandeling als bezwaar.