ECLI:NL:RVS:2003:AF5592
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- J.H. Roelfsema
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vergunning voor woninguitbreiding zonder vereiste vrijstelling achtergevelbebouwingsgrens
Het college van burgemeester en wethouders van Nijmegen verleende een bouwvergunning voor de uitbreiding van een woning, waarna bezwaar en beroep werden ingesteld door appellanten. De voorzieningenrechter verklaarde het beroep ongegrond en de appellanten stelden hoger beroep in bij de Raad van State.
De Afdeling bestuursrechtspraak toetste of voor de uitbreiding een vrijstelling nodig was op grond van het bestemmingsplan "Galgenveld III-1974". Volgens het plan is een vrijstelling vereist indien de achtergevelbebouwingsgrens wordt overschreden. De Afdeling stelde vast dat deze grens niet werd overschreden en dat het overgangsrecht van toepassing was.
De appellanten voerden aan dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat geen vrijstelling nodig was en dat het college geen belangenafweging had gemaakt. De Afdeling verwierp deze gronden, omdat artikel 44 van Pro de Woningwet limitatief de weigeringsgronden voor bouwvergunningen bepaalt en geen van deze gronden zich voordeed.
De Afdeling bevestigde de uitspraak van de voorzieningenrechter en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de verleende bouwvergunning blijft in stand.