ECLI:NL:RVS:2003:AF5619
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- H. Beekhuis
- J.A.M. van Angeren
- H. Borstlap
- Rechtspraak.nl
Bevestiging last onder dwangsom voor gebruik open mestbassin zonder vergunning
Appellant maakte bezwaar tegen een last onder dwangsom opgelegd door het college van burgemeester en wethouders van Veghel wegens het gebruik van een open mestbassin zonder de vereiste vergunning krachtens de Wet milieubeheer. Het mestbassin, opgericht in 1977, viel niet onder het Besluit mestbassins milieubeheer en was niet vergund.
Appellant voerde aan dat het bassin mocht worden gebruikt vanwege een lang bestaande situatie, dat het gebruik niet was gewijzigd en dat het bassin met een melding gelegaliseerd kon worden. Tevens stelde hij dat het niet mogelijk was de mest uit te rijden vanwege weersomstandigheden. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het bassin niet door middel van een melding gelegaliseerd kon worden omdat het een open bassin betreft met een grotere geurbelasting dan de vergunde gesloten mestsilo. Ook was er geen sprake van gedogen of gerechtvaardigd vertrouwen bij appellant.
De Afdeling stelde vast dat de last onder dwangsom rechtmatig was opgelegd en dat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat de mest niet op een andere milieuhygiënisch verantwoorde wijze kon worden verwijderd. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de last onder dwangsom voor het gebruik van het open mestbassin zonder vergunning wordt ongegrond verklaard.