ECLI:NL:RVS:2003:AF6018
Raad van State
- Hoger beroep
- F.P. Zwart
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging last onder dwangsom wegens overschrijding terrasruimte in Amsterdam
Appellanten, een natuurlijk persoon en een besloten vennootschap, kregen van de burgemeester van Amsterdam een last onder dwangsom opgelegd wegens het exploiteren van terrasruimte buiten de vergunde afmetingen zoals bepaald in hun exploitatievergunningen op grond van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV).
De voorzieningenrechter verklaarde het beroep van appellanten ongegrond, waarna zij hoger beroep instelden bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Appellanten voerden aan dat de overtreding niet op grond van artikel 3.5, zevende lid, van de APV kon worden gehandhaafd en dat de waarnemingen van de ambtenaren discutabel waren vanwege het ontbreken van markeringen van de terrasgrenzen.
De Afdeling oordeelde dat de last onder dwangsom gericht is op het tegengaan van het ophouden van bezoekers buiten de vergunde terrasruimte, waarbij de exploitanten verantwoordelijk zijn voor naleving van de APV en de vergunningvoorschriften. De waarnemingen van de milieudienst waren voldoende betrouwbaar en de burgemeester was bevoegd tot handhaving. Er waren geen bijzondere omstandigheden die handhaving in de weg stonden.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de voorzieningenrechter bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de last onder dwangsom bevestigd.