ECLI:NL:RVS:2003:AF6382
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- P.A. Offers
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank inzake bouwvergunning steigers en helling in water
Het college van burgemeester en wethouders van Almere verleende op 30 juni 2000 een bouwvergunning voor het oprichten van twee steigers en een helling in het water op een perceel met de bestemming 'Water'. Appellant stelde beroep in tegen het uitblijven van een besluit op zijn bezwaar tegen deze vergunning. De rechtbank verklaarde het beroep tegen het uitblijven van een beslissing niet-ontvankelijk en wees het overige beroep af.
Appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State. Hij voerde onder meer aan dat de rechtbank ten onrechte meerpalen buiten beschouwing had gelaten en dat de vergunning in strijd was met de planvoorschriften verleend. De Raad van State oordeelde dat de gewijzigde bouwaanvraag leidend is voor de beoordeling en dat de meerpalen die niet in de gewijzigde aanvraag waren opgenomen, niet vergund zijn.
Verder stelde de Raad van State vast dat de vergunning niet in strijd is met de relevante planvoorschriften, omdat deze betrekking hebben op gronden met de bestemming 'Water' en niet op 'woondoeleinden'. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.