ECLI:NL:RVS:2003:AF6722
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- E.A. Alkema
- M.G.J. Parkins-de Vin
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhavingsbesluit beëindiging caravanstalling wegens strijd met bestemmingsplan
Caravancentrum Waterland B.V. maakte gebruik van een perceel voor het tijdelijk stallen van caravans, wat volgens het geldende bestemmingsplan 'Purmerland 1989' niet was toegestaan. Het college van burgemeester en wethouders van Landsmeer legde een last onder dwangsom op om dit gebruik te beëindigen. De voorzieningenrechter verklaarde het daarop ingestelde beroep ongegrond, waarna appellante hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat het overgangsrecht niet van toepassing was omdat de omvang van het gebruik na de peildatum 28 augustus 1990 was vergroot. Het college mocht daarom handhavend optreden. Ook werd geoordeeld dat geen bijzondere omstandigheden bestonden die handhaving zouden verhinderen, zoals zicht op legalisering of schending van het gelijkheidsbeginsel.
De hoogte van de dwangsom werd als redelijk beoordeeld, mede vanwege de aantasting van de landschappelijke waarde van het perceel. De termijn voor uitvoering van de last werd niet als onredelijk kort gezien. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de voorzieningenrechter bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het handhavingsbesluit bevestigd.