ECLI:NL:RVS:2003:AF7033
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- E.A. Alkema
- M.G.J. Parkins-de Vin
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep tegen weigering vrijstelling huisvesting asielzoekers
Het college van burgemeester en wethouders van de voormalige gemeente Born weigerde op 21 juli 1999 vrijstelling te verlenen voor de huisvesting van asielzoekers op het terrein van een kasteel. Na bezwaar werd dit besluit ingetrokken en een nieuw besluit aangekondigd. De rechtbank verklaarde het daaropvolgende beroep van appellanten niet-ontvankelijk omdat zij geen belang hadden bij de procedure.
Appellanten stelden in hoger beroep dat zij wel degelijk belang hadden, maar de Raad van State oordeelde dat het kasteelcomplex op 13 januari 2000 aan een derde was overgedragen en niet langer door appellanten werd geëxploiteerd. Hierdoor ontbrak het noodzakelijke belang bij het beroep.
De rechtbank had terecht overwogen dat alleen bij aannemelijke schade als gevolg van het besluit een inhoudelijke beoordeling kan volgen, maar appellanten slaagden hier niet in, ook niet met het overgelegde accountantsrapport. De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde het vonnis van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan belang en de uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.