ECLI:NL:RVS:2003:AF8002
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- R.E.A. Matulewicz
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sluiting coffeeshop wegens overtreding Opiumwet na verkoop grote hoeveelheid softdrugs
Appellant exploiteerde een coffeeshop in Hengelo die door de burgemeester op grond van artikel 13b van de Opiumwet voor dertien weken werd gesloten wegens de verkoop van een hoeveelheid softdrugs die de toegestane limiet per transactie overschreed.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen deze sluiting ongegrond, waarbij werd vastgesteld dat op basis van politieprocessen-verbaal voldoende bewijs bestond dat in één transactie circa 300 gram softdrugs was verkocht. Appellant voerde aan dat dit bewijs niet zorgvuldig was onderzocht, maar dit werd door de rechtbank en de Raad van State verworpen.
De Raad van State oordeelde dat de burgemeester in redelijkheid tot de sluiting kon besluiten, gelet op het gemeentelijke beleid dat sluiting van drie maanden voorschrijft bij verkoop van meer dan 5 gram per transactie. Appellant stelde geen bijzondere omstandigheden die een andere beslissing rechtvaardigden.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de sluiting van de coffeeshop voor dertien weken wegens overtreding van de Opiumwet.