ECLI:NL:RVS:2003:AF8024
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.R. Schaafsma
- Rechtspraak.nl
Vernietiging last onder dwangsom wegens onvoldoende motivering bij ruitercentrum
Appellanten, een stichting en een natuurlijke persoon, exploiteren een ruitercentrum waarvoor een revisievergunning is verleend in 1993 en een veranderingsvergunning in 2001. Het college van burgemeester en wethouders van Brunssum legde een last onder dwangsom op wegens overtreding van voorschriften omtrent vloeistofdichte vloeren en opslag van gier en verontreinigd water.
Appellanten stelden dat de voorschriften niet noodzakelijk waren omdat mest en urine door stro werden geabsorbeerd en zij een verzoek tot intrekking van deze voorschriften hadden ingediend. De Raad van State oordeelde dat het college dit verzoek niet had betrokken bij de belangenafweging en dat het besluit onvoldoende was gemotiveerd.
Daarom werd het bestreden besluit vernietigd en werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellanten.
Uitkomst: Het bestreden besluit tot oplegging van een last onder dwangsom wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering en onvolledige belangenafweging.