ECLI:NL:RVS:2003:AF8946
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- D. Dolman
- R.H. Lauwaars
- H.Ph.J.A.M. Hennekens
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen vergunning biologisch varkens- en akkerbouwbedrijf nabij beschermd natuurmonument
Appellanten hebben beroep ingesteld tegen het besluit van de Minister van Landbouw, Natuurbeheer en Visserij om een vergunning te verlenen voor het vestigen van een biologisch varkens- en akkerbouwbedrijf nabij het natuurmonument Mispeleindse en Neterselse heide. De vergunning betrof een ammoniakdepositie van 178,65 mol/ha/j, waarbij verweerder het beleid inzake ammoniakdepositie op grond van de Natuurbeschermingswet en de voormalige Interimwet ammoniak en veehouderij toepaste.
Appellanten voerden aan dat de Wet ammoniak en veehouderij de vestiging zonder meer toestaat en dat alleen Europese richtlijnen aanvullende toetsen kunnen eisen. Tevens wezen zij op de subsidie voor omschakeling naar biologische varkenshouderij en de verplaatsing van het bedrijf uit een ecologische hoofdstructuur. Verweerder hield echter vast aan het bestaande beleid dat uitgaat van het stand still-beginsel en de feitelijke ammoniakdepositie ten tijde van de aanwijzing van het natuurmonument.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat verweerder terecht een eigenstandige positie aan de Natuurbeschermingswet toekent en dat het beleid in aansluiting op de Interimwet niet onredelijk is. Ook het betrekken van ammoniakrechten en het niet meenemen van saneringsreducties is gerechtvaardigd. De aangevoerde omstandigheden en onderzoeken leidden niet tot een ander oordeel. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de vergunningverlening voor het biologisch varkens- en akkerbouwbedrijf nabij het natuurmonument is ongegrond verklaard.