ECLI:NL:RVS:2003:AF9215
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- Th.G. Drupsteen
- H.Ph.J.A.M. Hennekens
- J.G.C. Wiebenga
- Rechtspraak.nl
Vernietiging last onder dwangsom wegens onjuiste interpretatie GFT-afval definitie
Appellante, Compostering Lelystad BV, kreeg een last onder dwangsom opgelegd wegens het accepteren van swill binnen haar inrichting, wat volgens verweerder in strijd was met de vergunning en het acceptatieprotocol. Appellante stelde dat swill gelijkwaardig is aan huishoudelijk GFT-afval en dus vergund is.
De Afdeling bestuursrechtspraak onderzocht de definities in de vergunning en het acceptatieprotocol en concludeerde dat de definitie van GFT-afval in het acceptatieprotocol is verdrongen door die in de vergunning. Uit het deskundigenbericht bleek dat swill qua samenstelling en verwerking gelijkwaardig is aan huishoudelijk GFT-afval.
Daarmee was het besluit van verweerder om een last onder dwangsom op te leggen onrechtmatig omdat het ook betrekking had op swill dat volgens de vergunning mocht worden geaccepteerd. De Raad van State verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het bestreden besluit en het primaire besluit en veroordeelde verweerder in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot oplegging van de last onder dwangsom wordt vernietigd.