ECLI:NL:RVS:2003:AF9223
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- S. Zwemstra
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vergunning burgemeester voor voorstellingen op Noodcamping te Formerum
De burgemeester van Terschelling verleende aan Stichting Terschellingse Oerol Festival een vergunning voor zes voorstellingen op de Noodcamping te Formerum in juni 2001, inclusief voorschriften over geluid en opbouw. Appellant maakte bezwaar tegen de vergunning vanwege geluidsoverlast, de nabijheid van zijn woning en vermeende strijd met het bestemmingsplan.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de burgemeester in redelijkheid de vergunning heeft kunnen verlenen, mede gezien de korte duur van de voorstellingen, de specifieke voorschriften zoals het gebruik van een stil aggregaat en het akoestisch geluid zonder elektronische versterkers.
Verder werd overwogen dat het bestemmingsplan geen grond is voor weigering van de vergunning en dat de burgemeester niet bevoegd is tot handhaving daarvan. Geluidsmetingen uit 2002 waren niet relevant voor deze procedure. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep tegen de vergunningverlening door de burgemeester is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.