ECLI:NL:RVS:2003:AH8647
Raad van State
- Herziening
- P.J. Boukema
- E.A. Alkema
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening van bestuursrechtelijke uitspraak wegens niet tijdig ontvangen zittingsuitnodiging
Verzoeker heeft bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State verzocht om herziening van een uitspraak van 1 mei 2002, waarin het hoger beroep van verzoeker was behandeld en de uitspraak van de arrondissementsrechtbank was bevestigd.
Verzoeker stelde dat noch hij noch zijn toenmalige gemachtigde een uitnodiging voor de zitting hadden ontvangen, waardoor hij niet in de gelegenheid was zijn standpunt toe te lichten. Volgens verzoeker zou dit, indien anders geweest, tot een andere uitspraak hebben geleid.
De Afdeling oordeelde echter dat de gemachtigde van verzoeker reeds enkele dagen na de zitting van 18 maart 2002, dus vóór de uitspraak van 1 mei 2002, aan de Afdeling had gemeld geen uitnodiging te hebben ontvangen. Dit feit was dus reeds bekend vóór de uitspraak, waardoor niet voldaan werd aan de voorwaarden voor herziening op grond van artikel 8:88 van Pro de Awb.
Voorts wees de Afdeling erop dat de uitnodiging naar het laatst bekende adres van de gemachtigde was gestuurd en dat het enkel insturen van een machtiging met een nieuw adres onvoldoende was om de adreswijziging kenbaar te maken. Er was dan ook geen reden voor een tweede mondelinge behandeling.
Het verzoek tot herziening werd daarom afgewezen en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek tot herziening van de uitspraak wordt afgewezen omdat het feit van niet-ontvangen uitnodiging reeds vóór de uitspraak bekend was.