ECLI:NL:RVS:2003:AH8654
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- K. Brink
- Rechtspraak.nl
Gedeeltelijke vernietiging revisievergunning milieu vanwege onvoldoende motivering geluidvoorschrift
Bij besluit van 1 oktober 2002 verleende het college van burgemeester en wethouders van Almelo een revisievergunning op grond van de Wet milieubeheer voor een melkvee- en pluimveehouderij. Appellanten maakten bezwaar tegen de aan de vergunning verbonden geluidvoorschriften, met name over de langtijdgemiddelde beoordelingsniveaus en maximale geluidniveaus, en stelden dat verweerder onvoldoende onderzoek had gedaan naar de bedrijfsvoering en bestaande rechten.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de geluidgrenswaarden in voorschriften 2.1 en 2.2 redelijk waren vastgesteld conform de Handreiking industrielawaai en dat bestaande rechten niet konden worden ontleend aan eerdere geluidgrenswaarden die verband hielden met activiteiten die niet meer werden uitgevoerd, zoals varkenshouderij. Het beroep op overschrijding van geluidgrenzen door melktransport en ventilatoren faalde omdat verweerder aannemelijk had gemaakt dat met akoestische maatregelen aan de voorschriften kon worden voldaan.
Wel oordeelde de Afdeling dat voorschrift 2.8, dat het pneumatisch of mechanisch vullen van voedersilo’s en tankwagens voor gier tussen 19.00 en 07.00 uur verbood, onvoldoende was gemotiveerd. Het akoestisch onderzoek ging niet in op deze activiteiten, terwijl deze tot de vergunde bedrijfsvoering behoren en bestaande rechten daaraan kunnen worden ontleend. Daarom werd het beroep gedeeltelijk gegrond verklaard en dit voorschrift vernietigd.
De Afdeling veroordeelde het college tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellanten. Het beroep werd verder ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep is gedeeltelijk gegrond verklaard en voorschrift 2.8 van de vergunning vernietigd wegens onvoldoende motivering.