ECLI:NL:RVS:2003:AH9030
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- P. Lodder
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhavingsbesluit tegen bedrijfsmatige activiteiten in strijd met bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Apeldoorn legde appellant op 26 april 2002 een last onder dwangsom op om het bedrijfsmatig gebruik van een perceel voor handel in ijzerwaren en opslag van ijzermaterialen te beëindigen. Appellant maakte bezwaar, dat ongegrond werd verklaard, waarna hij beroep instelde bij de voorzieningenrechter. Deze verklaarde het beroep eveneens ongegrond. Appellant stelde vervolgens hoger beroep in bij de Raad van State.
De Raad van State overwoog dat het perceel volgens het bestemmingsplan bestemd is voor agrarische doeleinden en dat het gebruik voor handel en opslag van ijzerwaren strijdig is met dit plan. Het college mocht daarom handhavend optreden. Er was geen concreet zicht op legalisering van het gebruik via een vrijstelling. Het betoog van appellant dat het college het gebruik had gedoogd en daarmee het recht tot handhaving had verwerkt, werd verworpen omdat het college slechts een beperkt ander gebruik had toegestaan en geen gedogen van de handel en opslag had plaatsgevonden.
De Raad van State bevestigde het oordeel van de voorzieningenrechter en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt het handhavingsbesluit en verklaart het hoger beroep ongegrond.