ECLI:NL:RVS:2003:AI0226
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- K. Brink
- P. Plambeck
- Rechtspraak.nl
Vergunningverlening voor uitbreiding pluimveehouderij met beoordeling stankhinder
Bij besluit van 1 april 2003 verleende het bevoegd gezag een vergunning voor het uitbreiden van een pluimveehouderij met 29.999 vleeskuikens, 29 zoogkoeien en 29 jongvee aan een locatie in de gemeenten Liempde en Boxtel. Appellant stelde dat in plaats van een veranderingsvergunning een revisievergunning had moeten worden verleend, maar de Afdeling oordeelde dat verweerder beleidsvrijheid had en dat het vergunningenbestand helder was.
Appellant voerde bezwaren aan tegen de beoordeling van stankhinder, met name over het gebruik van staldeuren en de werking van een chemische luchtwasser die onderdruk zou creëren. De Afdeling stelde vast dat de voorschriften omtrent het gesloten houden van ramen en deuren voldoende waren en dat de ventilatielucht via het luchtwassysteem werd afgevoerd, waardoor de stankhinder afnam.
Verder werd geoordeeld dat de cumulatieve stankhinder niet zodanig was dat weigering van de vergunning of aanvullende voorschriften noodzakelijk waren. De afstand tot gevoelige objecten was groter dan in de eerdere situatie, wat een verbetering betekende. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de verleende vergunning is ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening is afgewezen.