ECLI:NL:RVS:2003:AI0343
Raad van State
- Hoger beroep
- M. Vlasblom
- H.G. Lubberdink
- T.M.A. Claessens
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens verblijfsalternatief Somalië
De minister voor Vreemdelingenzaken en Integratie wees op 21 april 2003 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De voorzieningenrechter verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit, met opdracht tot heroverweging. De minister stelde hiertegen hoger beroep in bij de Raad van State.
De Raad van State overwoog dat de minister het beleid omtrent verblijfsalternatieven in Somalië, zoals neergelegd in de Vreemdelingencirculaire 2000 en het Tussentijds Bericht Vreemdelingencirculaire 2003/4, in redelijkheid heeft toegepast. De vreemdeling kon niet als alleenstaande vrouw worden aangemerkt omdat zij vóór vertrek uit Somalië met familie samenleefde, en het verblijfsalternatief in het relatief veilige deel van Somalië werd terecht tegengeworpen.
De Raad van State vernietigde het vonnis van de voorzieningenrechter en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. Er was geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Hiermee werd bevestigd dat de minister het verblijfsalternatief terecht toepaste en geen verblijfsvergunning hoefde te verlenen.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt het vonnis van de voorzieningenrechter en verklaart het beroep van de vreemdeling ongegrond, waarmee de afwijzing van de verblijfsvergunning wordt bevestigd.