ECLI:NL:RVS:2003:AI0551
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- P.J.J. van Buuren
- T.M.A. Claessens
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit gemeente Den Haag inzake nadeelcompensatie waardevermindering onderneming
De gemeente Den Haag kende appellante nadeelcompensatie toe voor omzetdaling en kosten accountant en advocaat, maar wees compensatie voor waardevermindering van de onderneming af. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond. In hoger beroep stelde appellante dat de waardevermindering wel degelijk een rechtstreeks gevolg was van het project en daarom voor vergoeding in aanmerking moest komen.
De Raad van State overwoog dat de waardevermindering niet onterecht was afgewezen zonder voldoende onderzoek naar het directe verband met het project. De verordening staat vergoeding toe voor schade door omzetdaling ook na afloop van werkzaamheden, mits rechtstreeks gevolg van het project. De raad had dit niet adequaat onderzocht en gemotiveerd.
Daarom werd het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank vernietigd. De zaak werd terugverwezen en de gemeente werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten. De Raad benadrukte het belang van zorgvuldige voorbereiding en motivering bij nadeelcompensatiebesluiten.
Uitkomst: Het besluit van de gemeente Den Haag en de uitspraak van de rechtbank worden vernietigd wegens onvoldoende motivering en zorgvuldigheid, met terugverwijzing voor nieuwe beoordeling.