ECLI:NL:RVS:2003:AI0585
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.M. Boll
- M. Oosting
- H.Ph.J.A.M. Hennekens
- Rechtspraak.nl
Vernietiging revisievergunning verblijfsaccommodatie en paardenhouderij wegens onvoldoende geluidsbescherming
Bij besluit van 17 september 2002 verleende het college van burgemeester en wethouders van Veere een revisievergunning aan appellante sub 1 voor een verblijfsaccommodatie annex paardenhouderij. Tegen dit besluit werd beroep ingesteld door drie appellanten. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde de zaak op 17 juli 2003 en oordeelde dat het beroep van appellante sub 1 niet-ontvankelijk was, omdat zij een besluit met het verlangde dictum had verkregen.
Appellanten sub 2 en 3 voerden aan dat de geluidgrenswaarden in de vergunning te hoog waren en onvoldoende rekening hielden met de bestaande rechten en de aard van de omgeving. De Raad van State stelde vast dat de geluidmetingen en berekeningen waarop het college zich baseerde niet representatief en onvoldoende onderbouwd waren. Ook was de motivering van de geluidvoorschriften niet toereikend en was het besluit in strijd met de artikelen 3:2 en 3:46 van de Algemene wet bestuursrecht.
Gelet op het belang van de geluidaspecten voor de vergunningverlening vernietigde de Raad van State het gehele besluit. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierechten aan appellanten sub 2 en 3.
Uitkomst: Het bestreden besluit is vernietigd wegens onvoldoende onderbouwing van de geluidgrenswaarden en het beroep van appellante sub 1 is niet-ontvankelijk verklaard.