ECLI:NL:RVS:2003:AI1005
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- J.E.M. Polak
- B.J. van Ettekoven
- Rechtspraak.nl
Vaststelling beperkte geschiktheid voor rijbewijs categorie C wegens mogelijke bewustzijnsstoornis
Appellante, het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR), gaf verzoeker aanvankelijk een verklaring van geschiktheid voor rijbewijscategorie B, maar weigerde een verklaring voor categorie C vanwege een mogelijke epileptische functiestoornis. Na diverse besluiten en rechtszaken werd verzoeker uiteindelijk een beperkte geschiktheidsverklaring voor categorie C voor drie jaar toegekend.
De voorzieningenrechter oordeelde dat er onvoldoende bewijs was voor epilepsie of een andere bewustzijnsstoornis en dat de regelgeving geen grond bood voor een beperkte geschiktheidstermijn van drie jaar. De Raad van State stelt echter dat het CBR op grond van artikel 103 van Pro het Reglement rijbewijzen en de Regeling eisen geschiktheid 2000 ruimte heeft om een beperkte termijn te verbinden aan de geschiktheidsverklaring in gevallen waarin medische zekerheid ontbreekt.
De Raad van State benadrukt dat het ontbreken van een definitieve diagnose niet automatisch leidt tot volledige geschiktheid en dat het CBR zich redelijk heeft gebaseerd op het advies van de keuringsarts. Daarom vernietigt de Raad de uitspraak van de voorzieningenrechter en verklaart het beroep van verzoeker ongegrond.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 13 augustus 2003.
Uitkomst: De Raad van State verklaart het hoger beroep gegrond en vernietigt de uitspraak van de voorzieningenrechter, waarbij het beroep van verzoeker ongegrond wordt verklaard.