ECLI:NL:RVS:2003:AI1048
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd
- M.A.G. Stolker
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen gedoogbesluit meevergassen secundaire brandstoffen
Bij besluit van 20 mei 2003 heeft het college van gedeputeerde staten van Limburg het doen van proeven met meevergassen van secundaire brandstoffen in de Willem-Alexandercentrale te Buggenum onder voorwaarden gedoogd. Verzoekers, een milieuorganisatie en anderen, maakten bezwaar tegen dit besluit en verzochten om een voorlopige voorziening.
De Voorzitter behandelde het verzoek op 29 juli 2003 en oordeelde dat het gedoogbesluit geen besluit krachtens de Wet milieubeheer is, zodat de schorsende werking van een voorlopige voorziening binnen de beroepstermijn niet van toepassing is. Verzoekers voerden aan dat vooraf een milieueffectrapportage (Mer) had moeten worden opgesteld en dat de revisievergunning niet gecoördineerd was met de Wvo-vergunning.
De Voorzitter stelde vast dat bij de aanvraag van de revisievergunning een Mer was gevoegd en dat de gedoogde activiteiten binnen de in de Mer beoordeelde activiteiten vielen. Ook was op basis van uitgevoerde proeven aannemelijk dat emissiegrenswaarden niet werden overschreden. Verder was volgens het betrokken zuiveringsschap geen Wvo-vergunning vereist, waardoor gecoördineerde behandeling niet nodig was.
Gelet op deze omstandigheden achtte de Voorzitter het aannemelijk dat de gedoogde activiteiten binnen afzienbare termijn kunnen worden gelegaliseerd en zag geen aanleiding het verzoek om voorlopige voorziening toe te wijzen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het gedoogbesluit voor het meevergassen van secundaire brandstoffen wordt afgewezen.