ECLI:NL:RVS:2003:AI1184
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- Th.G. Drupsteen
- M. Oosting
- H. Borstlap
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit bezwaar tegen uitvoer gemengd stedelijk afval naar Duitsland
Appellante wilde 50 miljoen kg gemengd stedelijk afval uitvoeren naar Duitsland voor verbranding met energieterugwinning. Verweerder maakte bezwaar op grond van het zelfverzorgingsbeginsel en het Tienjarenprogramma Afval 1995-2005 (TJP.A-95), omdat in Nederland voldoende capaciteit voor storten beschikbaar zou zijn en uitvoer de binnenlandse afvalverwijderingsstructuur zou ondermijnen.
Appellante voerde aan dat het bezwaar onterecht was, onder meer omdat de toetsing had moeten plaatsvinden aan het beleid zoals dat gold bij de kennisgeving en dat het zelfverzorgingsbeginsel niet op stortplaatsen van toepassing is. Tevens stelde zij dat de Nederlandse verbrandingsinstallaties vol zaten en het afval in Duitsland beter werd verwerkt.
De Afdeling oordeelde dat het beleid van verweerder, zoals neergelegd in de Tweede Wijziging TJP.A-95, correct als toetsingskader werd gehanteerd. Echter, verweerder had ten tijde van het besluit geen rekening gehouden met het feit dat het overschot aan brandbaar afval in Nederland groter was dan het beleid veronderstelde, waardoor het bezwaar onvoldoende was gemotiveerd en het besluit in strijd met het motiveringsbeginsel was.
Het beroep werd gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en verweerder werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het bezwaarbesluit van de minister is vernietigd wegens onvoldoende motivering en onjuiste toepassing van het beleid.