ECLI:NL:RVS:2003:AI1215

Raad van State

Datum uitspraak
13 augustus 2003
Publicatiedatum
4 april 2013
Zaaknummer
200304471/1
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Bestuursrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Voorlopige voorziening
Rechters
  • K. Brink
  • P.A. de Vink
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 5:21 Algemene wet bestuursrechtArt. 8:81 Algemene wet bestuursrechtWet milieubeheer
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen bestuursdwang sluiting smederij zonder milieuvergunning

Verzoekster exploiteert een smederij zonder de vereiste milieuvergunning. Verweerder heeft bij besluit van 2 juni 2003 onder bestuursdwang gelast de werkzaamheden te beëindigen en beëindigd te houden, met dreiging van sluiting en verzegeling indien niet binnen acht weken wordt voldaan.

Verzoekster maakte bezwaar tegen dit besluit en verzocht om een voorlopige voorziening om sluiting te voorkomen. Tijdens de zitting op 4 augustus 2003 stelde verweerder dat vanwege de ingediende definitieve vergunningaanvraag op 1 augustus 2003 geen sluiting zal plaatsvinden voordat op het bezwaar is beslist.

De Raad van State oordeelt dat hierdoor geen spoedeisend belang bestaat bij het verzoek en wijst het verzoek om voorlopige voorziening af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het bestuursdwangbesluit wordt afgewezen wegens gebrek aan spoedeisend belang.

Uitspraak

200304471/1.
Datum uitspraak: 13 augustus 2003.
AFDELING
BESTUURSRECHTSPRAAK
Uitspraak van de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op een verzoek om het treffen van een voorlopige voorziening (artikel 8:81 van Pro de Algemene wet bestuursrecht) in het geding tussen:
[verzoekster], gevestigd te [plaats],
en
het college van burgemeester en wethouders van Sint-Michielsgestel,
verweerder.
1. Procesverloop
Bij besluit van 2 juni 2003, kenmerk 5666, heeft verweerder verzoekster onder aanzegging van bestuursdwang als geregeld in artikel 5:21 van Pro de Algemene wet bestuursrecht gelast alle werkzaamheden in de door verzoekster geëxploiteerde smederij gelegen aan de [locatie] te [plaats] te beëindigen en beëindigd te houden.
Tegen dit besluit heeft verzoekster bezwaar gemaakt.
Bij brief van 7 juli 2003, bij de Raad van State ingekomen per fax op dezelfde dag, heeft verzoekster de Voorzitter verzocht een voorlopige voorziening te treffen.
De Voorzitter heeft het verzoek ter zitting behandeld op 4 augustus 2003, waar verzoekster, vertegenwoordigd door mr. C. Vergouwen, advocaat te Eindhoven, en verweerder, vertegenwoordigd door mr. R. van de Pol, ambtenaar van de gemeente, zijn verschenen. Voorts zijn daar als [partij], van wie [partij] in persoon, en [omwonende], gehoord.
2. Overwegingen
2.1. Aan zijn aanschrijving heeft verweerder ten grondslag gelegd dat door verzoekster zonder de daartoe krachtens de Wet milieubeheer vereiste vergunning een smederij wordt geëxploiteerd. Verweerder heeft verzoekster gelast binnen acht weken na dagtekening van het bestreden besluit alle werkzaamheden in de smederij te beëindigen en beëindigd te houden. Indien de overtreding niet binnen deze termijn ongedaan wordt gemaakt, zal tot sluiting en verzegeling van de smederij worden overgegaan.
2.2. Met het verzoek wenst verzoekster te bewerkstelligen dat de smederij niet wordt gesloten. Verweerder heeft ter zitting gesteld dat, mede gelet op de door verzoekster op 1 augustus 2003 ingediende definitieve aanvraag om vergunning krachtens de Wet milieubeheer met betrekking tot onder andere de smederij, niet tot sluiting en verzegeling van de smederij zal worden overgaan alvorens een beslissing op het bezwaarschrift is genomen. Gelet op het vorenstaande is met het verzoek geen spoedeisend belang gemoeid, dat het treffen van de verzochte voorziening rechtvaardigt.
2.3. Het verzoek dient als ongegrond te worden afgewezen.
2.4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
3. Beslissing
De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State:
wijst het verzoek af.
Aldus vastgesteld door mr. K. Brink, als Voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. P.A. de Vink, ambtenaar van Staat.
w.g. Brink w.g. De Vink
Voorzitter ambtenaar van Staat
Uitgesproken in het openbaar op 13 augustus 2003.
154-373.