ECLI:NL:RVS:2003:AI1255
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- T.M.A. Claessens
- C.E.C.M. van Roosmalen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhaving verbod op oliebollen bakken vanuit schuur in strijd met bestemmingsplan
Het college van burgemeester en wethouders van Hattem legde appellant een dwangsom op om het bakken en verkopen van oliebollen vanuit zijn schuur te staken, omdat dit gebruik niet binnen de bestemming "Magazijn" van het bestemmingsplan "Bongerd" viel. Appellant voerde aan dat de bedrijfsruimte volgens een bouwvergunning uit 1979 ook voor het bakken van oliebollen mocht worden gebruikt en dat hij al vóór het bestemmingsplan in 1985 oliebollen bakte, maar dit werd niet aannemelijk gemaakt.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en de Raad van State bevestigde deze uitspraak. De Afdeling oordeelde dat het gebruik van de schuur voor het bakken van oliebollen niet onder het overgangsrecht viel en dat het college bevoegd was handhavend op te treden. Er was geen concreet zicht op legalisering en het gelijkheidsbeginsel stond het handhavend optreden niet in de weg.
Ook het ontbreken van een begunstigingstermijn in het dwangsombesluit was niet onrechtmatig en de hoogte van de dwangsom stond in redelijke verhouding tot de ernst van de overtreding. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd, zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het handhavingsbesluit bevestigd.