ECLI:NL:RVS:2003:AL1503
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W.C.E. Hammerstein-Schoonderwoerd
- K. Brink
- J.G.C. Wiebenga
- Rechtspraak.nl
Vernietiging revisievergunning vanwege onvoldoende motivering cumulatieve stankhinder beoordeling
Het college van burgemeester en wethouders van Drimmelen verleende op 21 januari 2003 een revisievergunning voor een zeugen- en vleesvarkenshouderij. De appellant stelde beroep in tegen dit besluit. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde de zaak op 28 augustus 2003 en oordeelde dat de vergunning niet op een deugdelijke motivering berustte.
De kern van het geschil betrof de vraag of verweerder terecht had besloten dat geen milieu-effectrapportage nodig was en of de cumulatieve stankhinder adequaat was beoordeeld. Verweerder stelde dat de uitbreiding van de inrichting niet de drempelwaarden voor een milieu-effectrapport overschreed en dat de totale stankbelasting was afgenomen door gedeeltelijke intrekking van een eerdere vergunning.
De Afdeling oordeelde dat verweerder onvoldoende duidelijk had gemaakt op welke milieuhygiënische normen hij zijn beoordeling baseerde en dat het besluit daarom in strijd was met het motiveringsbeginsel van artikel 3:46 Awb Pro. Het beroep werd gegrond verklaard, het besluit vernietigd en het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering van de cumulatieve stankhinder beoordeling.