ECLI:NL:RVS:2003:AL7568
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- W. Konijnenbelt
- D.A.B. Montagne
- Rechtspraak.nl
Schorsing last onder dwangsom wegens onduidelijkheid en onrechtmatigheid veehouderij
Verzoeker kreeg op 15 juli 2003 een last onder dwangsom opgelegd door het college van burgemeester en wethouders van Reusel-De Mierden vanwege het houden van circa 30 paarden/pony’s, 25 schapen en 10 geiten op een perceel zonder vergunning, in strijd met de Wet milieubeheer. De dwangsom bedroeg € 2.500 per week met een maximum van € 32.500.
Verzoeker betwistte de bevoegdheid van verweerder en stelde dat de activiteiten hobbymatig waren en geen inrichting in de zin van de Wet milieubeheer vormden. Ook voerde hij aan dat legalisatie mogelijk was en dat het college in het verleden de situatie had gedoogd, waardoor er vertrouwen was gewekt. Verweerder stelde dat de omvang en voorzieningen wezen op bedrijfsmatig houden van dieren en dat vergunningverlening vanwege stankhinder niet mogelijk was.
De Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat sprake was van een inrichting volgens de Wet milieubeheer en dat het college bevoegd was de last op te leggen. Echter, de omschrijving van de last was onduidelijk omdat niet duidelijk was hoeveel dieren nog gehouden mochten worden zonder dwangsom. Daarom werd het besluit geschorst voor zes weken na de beslissing op bezwaar, met veroordeling van verweerder in de proceskosten.
Uitkomst: Besluit tot last onder dwangsom wordt geschorst wegens onduidelijkheid in omschrijving en proceskosten worden aan verzoeker toegekend.