ECLI:NL:RVS:2003:AL9023
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H. Beekhuis
- R. van Heusden
- Rechtspraak.nl
Belanghebbendenstatus en ontvankelijkheid bij besluit ernstige bodemverontreiniging en sanering
Het college van burgemeester en wethouders van Helmond nam op 3 september 2002 een besluit waarin werd vastgesteld dat sprake was van ernstige bodemverontreiniging op een locatie en dat sanering zeer urgent was. Tevens werd ingestemd met een saneringsplan en werden voorwaarden gesteld aan de uitvoering en rapportage van de sanering.
Appellanten, wonend aan percelen grenzend aan de te saneren locatie, maakten bezwaar tegen dit besluit. Dit bezwaar werd door verweerder niet-ontvankelijk verklaard omdat appellanten volgens verweerder geen belanghebbenden waren, omdat het besluit geen directe gevolgen zou hebben voor hun woon- en leefomgeving.
De Raad van State oordeelde dat appellanten wel als belanghebbenden moeten worden aangemerkt omdat hun percelen grenzen aan de locatie en zij mogelijk hinder zullen ondervinden van de saneringswerkzaamheden. Het standpunt van verweerder dat alleen rechthebbenden van de locatie belanghebbenden zijn, werd verworpen. Het besluit tot niet-ontvankelijkheid werd vernietigd en verweerder werd veroordeeld tot betaling van proceskosten en griffierecht aan appellanten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot niet-ontvankelijkheid van het bezwaar wordt vernietigd.