ECLI:NL:RVS:2003:AM2390
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.C.K.W. Bartel
- A. Kosto
- H. Borstlap
- Rechtspraak.nl
Vernietiging goedkeuring bestemmingsplan Koedoodzone voor natuurontwikkeling
De gemeenteraad van Albrandswaard stelde op 13 maart 2002 het bestemmingsplan Koedoodzone vast, dat onder meer de ontwikkeling van een natuur- en recreatiegebied mogelijk maakt. Het college van gedeputeerde staten van Zuid-Holland keurde dit plan op 22 oktober 2002 goed. Appellanten stelden beroep in tegen dit besluit bij de Raad van State.
Appellanten sub 1 voerden aan dat de goedkeuring van plandelen bestemd voor natuurontwikkeling en recreatie onterecht was, omdat het bestaande agrarische gebruik gehandhaafd had moeten blijven. De Raad oordeelde dat verweerder onvoldoende zekerheid had verkregen over de verwezenlijking van deze bestemmingen binnen de planperiode van tien jaar, waardoor het besluit in strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel (art. 3:2 Awb Pro) was genomen. Dit deel van het besluit werd vernietigd.
Appellante sub 2 betwistte de noodzaak van een verbindingsweg met de bestemming “Uit te werken Stadspark en infrastructuur” en stelde dat de uitwerking onvoldoende rechtszekerheid bood. De Raad stelde vast dat de noodzaak van de verbindingsweg voldoende was aangetoond en dat de uitwerkingsregels voldoende inzicht boden in de toekomstige ontwikkeling. Ook was de economische uitvoerbaarheid aannemelijk gemaakt. Dit beroep werd ongegrond verklaard.
De Raad veroordeelde het college van gedeputeerde staten tot vergoeding van proceskosten aan appellanten sub 1 en bepaalde dat het griffierecht aan hen wordt vergoed. De uitspraak werd op 22 oktober 2003 in het openbaar gedaan.
Uitkomst: Het besluit tot goedkeuring van delen van het bestemmingsplan Koedoodzone voor natuurontwikkeling wordt vernietigd wegens strijd met het zorgvuldigheidsbeginsel.